B.D.-Nr. 2547

Voorbereiding van de dienaren van God om voor Hem werkzaam te zijn

Het is de wil van de Vader in de hemel, dat Zijn dienaren zich volledig aan Hem overgeven. Dat ze zich zonder innerlijke weerstand laten leiden. Dat ze alles uitvoeren, waartoe ze zich gedrongen voelen en dat ze zich op ieder moment aan Hem en Zijn genade aanbevelen. De geest in hen zal hen leiden en ze kunnen steeds de goddelijke bescherming verwachten. Want het moment van het werkzaam zijn komt voor Zijn dienaren en voor dit moment moeten ze voorbereid zijn. Alleen wie zich dagelijks en van uur tot uur in innig gebed met God verbindt, die zal de kracht hebben om voor Hem op te komen, als dit voor de wereld nodig geworden is. Hij zal God ook herkennen in het woeden van de elementen en zijn geloof zal sterker worden, als hij deze stem van God hoort.

Er is nog maar een korte tijd en u moet deze tijd gebruiken, als u God wilt dienen. U moet aan uzelf werken en geen gelegenheid voorbij laten gaan om een werk van liefde te verrichten. Want u wordt sterker, omdat de kracht van de goddelijke liefde u dan toestroomt en de helderste gedachten u uw handelen voorschrijven, zoals God het wil. Hoe dieper u in de liefde staat, des te minder twijfelachtig u zult zijn over wat u doen of laten moet. Laat alles op u afkomen en vertrouw steeds op uw hemelse Vader, Die elke stap van u leidt, zodra u zich aan Zijn leiding toevertrouwt.

De komende tijd heeft sterke vertegenwoordigers van Zijn woord nodig en deze moeten zelf diep in het geloof staan en zich moedig en onbevreesd in de dienst van God over kunnen geven. Maar zodra het moment gekomen is, zult u ook voelbaar de kracht van God gewaarworden, want u zult zonder geremdheid kunnen handelen en spreken en ook geen aardse macht vrezen. Want de stem van de geest in u zet u ertoe aan en u slaat meer acht op zijn stem dat op de stemmen van de wereld.

Het is een grote taak, die u vervullen moet en de vervulling hiervan is toch onbeschrijflijk hard nodig voor het zielenheil van de medemensen, want als het goddelijke woord hun niet door de mond van een mens nabij gebracht wordt, staan ze voor de geestelijke ondergang, want ze zoeken het woord niet meer daar, waar het hun tot nog toe geboden wordt. Het woord moet hun ergens anders verkondigd worden. Ze moeten het uit de mond van een mens vernemen, die het rechtstreeks van God ontvangen heeft en dit woord moet hen aanvaardbaar lijken, zodra maar de wil in hen aanwezig is om het aan te horen.

En hiervoor heeft God Zijn vertegenwoordigers op aarde nodig, dat ze Zijn woord op de mensen overdragen na de grote ontsteltenis, welke de mensheid binnenkort mee zal maken. Want alles komt overeen met het wijze plan van God en alles gebeurt, zoals het sinds eeuwigheid bepaald is. En zo zullen ook de dragers van Zijn woord zich klaar moeten maken om de taak, die hen gesteld wordt, met ijver te vervullen. Zij zullen zelf veel kracht nodig hebben, die hun echter ook ter beschikking staat, als ze bereid zijn om de Heer te dienen. Want God Zelf wil door een mens tot hen spreken en hen terugleiden naar de juiste weg, die naar Hem leidt, het eeuwige vaderland tegemoet.

Amen

Vertaald door: Peter Schelling

Deze openbaring is niet opgenomen in de themaboekjes.