De goddelijke krachtstroom, die door een mens op anderen overgedragen wordt, zal nooit zonder effect blijven, als daar niet bewust tegen gestreden wordt. Deze zal zich een weg banen en het zal ook een geringe weerstand spoedig zwakker doen worden en er zullen zo menige mensen zijn, die bereid zijn om op te nemen, waar ze zich er eerst voor af wilden sluiten. En als de kracht uit God eenmaal in actie komt, moet ze die zielen opwaarts leiden, die zich aan haar uitwerking overgeven.
De goddelijke toestroom zal ook als weldadig ervaren worden, omdat deze als een licht een stralend helder schijnsel verspreidt in het hart van de mens, omdat zijn gedachten geordend worden en hem met deze krachtstroom het vermogen van het inzicht toegestuurd wordt, zodat hij nu helder en duidelijk het verband van dat ziet, wat eerst nog duister, dat wil zeggen onopgehelderd, was.
De mens hoeft alleen maar te willen en hij wordt vervuld van de kracht van God, die hem in menigerlei vormen toestroomt: in een toegenomen kennis, in een sterker geloof of in een toegenomen werkzaam zijn in liefde. Zijn wil wordt door God gegrepen en goed geleid, zodra zijn innerlijke toestemming daaraan voorafgegaan is om zich door God te laten leiden. Enkel de overgave aan de wil van God is bevorderlijk om Diens kracht in ontvangst te kunnen nemen en dan is de mens tot alles in staat en is zijn opwaartse ontwikkeling gegarandeerd.
De mensen moeten zonder de goddelijke krachttoevoer strijden in hun zwakheid en als ze zichzelf niet openen, wil God hen door een middelaar de kracht toesturen, hetgeen weliswaar ook de wil om te ontvangen vooropstelt, maar vaak makkelijker mogelijk is, dan dat de mens zichzelf in staat stelt om de rechtstreekse krachtstroom uit God op te nemen. Want het geloof van de mensen is nog te zwak en hun geloof moet eerst sterker gemaakt worden.
Want een bewust opwaarts streven kan alleen maar ten uitvoer gebracht worden met voortdurende ondersteuning van God, dus met een voortdurende overdracht van kracht. En deze kracht stroomt de mensen toe door het woord van God, dat Hij hun Zelf aanbiedt als krachtbron, waaruit ze onophoudelijk kunnen putten. Licht en wijsheid, de sterkte van het geloof, kracht om weerstand te bieden tegen alle verzoekingen en het volste vertrouwen in God.
De mens heeft deze toevoer van kracht nodig, omdat hijzelf te zwak is, maar deze wordt afhankelijk gemaakt van zijn bereidwilligheid om de krachtstroom in ontvangst te nemen. En waar er niet bewust naar verlangd wordt, brengt God Zichzelf in de nabijheid van de mens om het verlangen naar Hem en Zijn kracht in de mens op te wekken. En daar heeft Hij een middelaar voor nodig, die voor Hem spreekt en voor Hem handelt. Die hem de wil om lief te hebben van God bekendmaakt, Zijn schenking van kracht, die als het ware als ontvanger de liefdesuitstraling van God, Zijn goddelijke krachtstroom, opneemt en deze probeert door te geven aan zijn medemensen, opdat ook in hen de goddelijke kracht actief kan worden.
Amen
VertalerLa Corrente della Forza divina che viene trasmessa attraverso una persona su altre, non rimarrà mai senza effetto, appena non vi si combatte coscientemente. Si fa strada e presto si stancherà anche una leggera resistenza e certi uomini che prima vi si volevano chiudere saranno volenterosi di accettarla. E quando la Forza di Dio entra una volta in azione, deve condurre in Alto le anime che si lasciano al suo effetto. L’afflusso divino verrà anche percepito come beneficio, perché diffonde una raggiante chiarezza nel cuore dell’uomo, come una Luce, perché vengono ordinati i suoi pensieri e gli giunge la Forza della conoscenza con questa Corrente di Forza, in modo che ora vede chiaramente e limpidamente il collegamento di ciò che gli era prima ancora oscuro, inspiegabile. L’uomo deve soltanto volere e verrà colmato con la Forza di Dio che gli affluisce in differente forma, nell’aumentato sapere, nella fede rafforzata oppure nell’aumentata attività d’amore. La sua volontà viene afferrata da Dio e guidata nel modo giusto, appena è preceduta la sua approvazione interiore di lasciarsi guidare da Dio. E’ necessaria solo la dedizione alla Volontà di Dio per poter ricevere la Sua Forza ed allora l’uomo può tutto ed è garantito il suo sviluppo verso l’Alto. Gli uomini senza l’apporto della Forza divina devono combattere nella loro debolezza e se loro stessi non si aprono, Dio vuole guidare loro la Forza attraverso un mediatore, cosa che però premette anche la volontà di ricevere, ma è sovente più facile che l’uomo stesso si renda ricettivo per l’apporto diretto della Forza di Dio, perché la fede degli uomini è ancora troppo debole ed a loro dev’essere fortificata la fede. Perché un tendere consapevole verso l’Alto può essere eseguito solamente con il costante Sostegno di Dio, quindi con una costante trasmissione di Forza. E questa affluisce all’uomo attraverso la Parola di Dio che Egli Stesso offre loro come Fonte di Forza, dalla quale possono attingere ininterrottamente Luce e Sapienza, la forza della fede, la Forza per la resistenza contro tutti gli attacchi e pienissima fiducia in Dio. L’uomo ha bisogno di questo apporto di Forza, perché lui stesso è troppo debole, ma viene reso dipendente dalla sua volontà di ricevere la Corrente di Forza. E dove non viene desiderata coscientemente, Dio Si porta vicino agli uomini per risvegliare in loro il desiderio per Lui e la Sua Forza. E per questo ha bisogno di un mediatore che parla ed agisce per Lui, che dà loro conoscenza della Volontà d’Amore di Dio, del Suo apporto di Forza che accoglie come strumento di ricezione l’Irradiazione di Dio, la Sua Corrente di Forza divina e cerca di guidarla oltre sui suoi prossimi, affinché anche in loro la Forza divina possa diventare attiva.
Amen
Vertaler