B.D.-Nr. 2525

Missie – Uitvoeren met goddelijke kracht

Elke missie voor God vereist als eerste een bereidwilligheid, want dit is meestal zo’n taak, die van de mens een overwinning op zichzelf verlangt. Die dus alleen maar uitgevoerd kan worden, als de mens zich van deze eis bewust is en er toch de wil toe heeft. Een missie voor God uit te voeren, zal altijd een strijd met de wereld betekenen en daarom hoort er moed en vastberadenheid bij, die de mens opbrengt, als hij God liefheeft en Hem dus dienen wil.

Maar slechts weinig mensen willen Hem bewust dienen, want maar weinig mensen keren zich van de wereld af en de strijd met de wereld wordt daardoor makkelijker voor hen. Zolang de mens zich door de wereld gevangen laat nemen, is het voor hem niet mogelijk om deze te bestrijden. Dat wil zeggen dat alleen diegene, die de wereld veracht, de strijd niet als zo zwaar ervaart, omdat hij graag afstand doet van hetgeen de wereld in de strijd van hem afneemt.

Maar de wil van de mens om God te dienen en zodoende de missie op zich te nemen, wordt door God in zoverre meer dan rijkelijk beloond, dat hem kracht gegeven wordt in de strijd tegen de wereld. En daarom hoeft hij niet te vrezen, niet in staat te zijn, want de wil maakt hem er ook toe in staat.

Het werkzaam zijn van God door een zich aan Hem wijdend mens zal duidelijk zichtbaar worden, maar nooit zal een mens iets buitengewoons tot stand kunnen brengen, die God zijn wil onthoudt. Nooit zal een mens, die er zich niet vrijwillig voor aanbiedt, gedwongen worden om te strijden voor God en tegen de wereld.

Maar die de wil hebben om de goddelijke wil te vervullen, die zich dus aan God onderwerpen en zich aan Hem als werktuig aanbieden, die zullen door Zijn kracht en genade gegrepen worden, als ze aan hun missie zullen beginnen. Als ze voor God opkomen voor de wereld. Ze zullen niet meer aan twijfel onderhevig zijn over wat ze moeten doen of spreken. Ze zullen vanuit zichzelf handelen en met het gevoel om zo en niet anders te moeten handelen. Ze zullen niet angstig of kleinmoedig zijn. Ze zullen zonder tegenwerken de innerlijke stem, die hen leidt en bestuurt en hen het denken ingeeft, wat juist is voor God, volgen. De vrijwillige overgave aan God verzekert hun de genade van God en de genade van God betekent hulp in alle dingen, op alle wegen en te allen tijde.

En daarom kan de mens zich in vol geloof aan zijn Heer en Heiland, Zijn Schepper en Vader overgeven, zodra hij zich eenmaal aan Hem ten dienste aangeboden heeft. Hij zal gegrepen worden, als het moment van het werkzaam zijn voor hem gekomen is. Hij zal vervuld worden met goddelijke kracht en vol zijn van liefde voor Hem. Hij zal zich niet meer bedenken of besluiteloos zijn, maar helder en duidelijk ligt zijn levensweg voor hem. Hij zal deze weg bewandelen, gedreven door de geest van God en voert nu de missie uit, zoals het de wil van God is.

Amen

Vertaald door: Peter Schelling

Deze openbaring is niet opgenomen in de themaboekjes.