B.D.-Nr. 2479a

Geestelijke leringen – De zuiverste waarheid

Niets op aarde weegt tegen de geestelijke leringen op, die vanuit het rijk aan de overkant aan de mensen gegeven worden, want alleen deze garanderen de zuiverste waarheid en enkel de waarheid bezorgt de mensen de rijpheid van de ziel. Als de ziel ooit in staat moet zijn om de opdracht in het hiernamaals te vervullen, dan moet ze zelf een kennis bezitten, die ze nu aan de onwetende zielen op aarde, alsook in het hiernamaals door moet geven. Deze kennis kan ze alleen maar verwerven, als ze de geestelijke onderrichtingen in ontvangst neemt, die haar door wetende wezens in het hiernamaals aangeboden worden.

De gevende wezens staan in de waarheid en ze onderrichten de mensen daarom overeenkomstig de waarheid. En daarom is elk geschenk buitengewoon waardevol, dus als geestelijke rijkdom te beschouwen, waarvan de betekenis de ziel pas in zijn volle omvang kan beseffen, als ze zelf het rijk aan de overkant binnengegaan is en haar werkzaamheid nu uitvoert. Want nu deelt ze uit, wat ze bezit. Zodoende geeft ze de kennis door, die haar gegeven werd en leidt ze de zielen de waarheid binnen. Een werkzaamheid, die een werkzaam zijn in liefde en onnoemelijk gelukkig makend is voor zowel de zielen die uitdelen, als de zielen die ontvangen.

De weg naar de waarheid kan echter alleen maar door een werkzaam zijn in liefde betreden worden. Dat wil zeggen dat enkel een werkzaam zijn in liefde de zuivere waarheid oplevert, omdat de waarheid van God uitgaat, dus in de liefde van God haar oorsprong heeft. Mensen, die van iedere liefde gespeend zijn, zullen daarom ook ver van de waarheid af staan, omdat de waarheidsdragers in het geestelijk rijk geen toegang tot deze mensen krijgen, want ze kunnen zich alleen maar uiten bij degenen, die door een werkzaam zijn in liefde in staat zijn om de zuivere waarheid op te nemen.

Vertaald door: Peter Schelling

Deze openbaring is niet opgenomen in de themaboekjes.