6543 Afgedaald in de hel

10 mei 1956: Boek 70

Alleen zult u nooit de omvorming van uw wezen tot stand brengen, want het ontbreekt u daartoe aan kracht. Maar Een heeft voor u deze kracht verworven.

De mens Jezus heeft voor u iets gedaan om uw zwakke toestand op te heffen, die het gevolg was van uw vroegere opstand tegen God.

De uitwerking van deze schuld van u, heeft Hij dus voor u op zich genomen. Hij heeft uw schuld betaald met Zijn dood aan het kruis en daardoor de toevoer van kracht voor u weer mogelijk gemaakt.

Hij heeft voor u de kracht verworven en deelt ze nu ook aan u uit als genadegeschenk, vooropgesteld dat u zelf op die genade een beroep doet, waartoe het erkennen van Jezus Christus als Gods Zoon en Verlosser van de wereld voorwaarde is, wat tevens het erkennen van de goddelijkheid van Jezus inhoudt.

Maar wat nu tevoren onmogelijk was, dat de mens zich zelf weer kon omvormen tot het lichtwezen dat hij in het allereerste begin is geweest, werd door de kruisdood van Jezus mogelijk. En zo heeft de terugkeer naar God ook met zekerheid plaatsgevonden, wanneer de mens zich maar aan Jezus Christus vasthoudt. Wanneer hij Hem vraagt om hulp op de weg naar de volmaaktheid. De kracht die hem nu wordt toegevoerd is voldoende om zich te bevrijden uit de macht van diegene die hem naar beneden in de diepte trok en daar onbarmhartig gekluisterd houdt, omdat de eigen kracht om weerstand te bieden het wezen ontbreekt zonder de hulp van Jezus Christus. Aldus was Jezus na Zijn kruisdood ook in de hel afgedaald om diegenen hulp te brengen die al vóór het verlossingswerk het aardse leven hadden verloren en zich nog steeds in de macht van de tegenstander van God bevonden. Het was hun niet mogelijk geweest zich gedurende hun aards bestaan te bevrijden, want ze hadden een geheel verzwakte wil. En daarom waren ze aan diegene onderworpen en bleven ze zolang in diens macht, totdat de Redder Jezus Christus kwam, die ze nu ongehinderd mochten volgen omdat Hij ook voor hun zielen de koopsom had betaald met Zijn bloed. Toch moest ook de vrije wil van die zielen in acht worden genomen, maar deze ondervond versterking als de ziel niet volledig vijandelijk was ingesteld.

Maar nu wordt het neerdalen in de hel niet juist begrepen, wanneer alleen van die gewillige zielen gewag wordt gemaakt.

Jezus de gekruisigde verscheen ook in de poel van diepste verdorvenheid. Hij waagde zich in het domein van Zijn tegenstander, de gevallen broeder Lucifer.

Hij stond ook voor hem met de tekenen van Zijn wonden en toonde hem waartoe de liefde in staat was.

Hij ging hem als een Broeder tegemoet, maar ook dit grootste offer kon diens stenen hart niet verzachten.

Honend keerde de vorst van de hel zich af en met hem een grote schare van de meest verdorven geesten.

De liefde vond niet de weg naar hun hart. De haat was groter en hun wil was vrij. God was wel op de hoogte van deze mislukking. Toch werd ook aan die bewoners van de hel de genadeschat aangeboden. Want de liefde stopt niet, ook niet voor het meest verdorven schepsel. Maar ze dwingt niet tot overgave.

Zelfs het werk van liefde van de mens Jezus was niet in staat de haat en weerstand te breken. Toch werd het ook aan de wezens van de duisternis aangeboden, want de liefde van Jezus geldt alle schepselen en het neerdalen in de hel was nog een laatste poging om de tegenstander van God tot ommekeer te bewegen, om hem de laatste kansen te bieden zich te veranderen en om de tijd van de verlossing van het gevallene te verkorten.

Maar ook dit grootste werk van liefde dat God zelf in de mens Jezus had volbracht, was niet in staat de hoogmoed en de liefdeloosheid van Lucifer te veranderen. Want deze zag in de kruisdood van Jezus nog een triomf van zijn macht en sterkte.

Hij voelde zich als overwinnaar die het was gelukt een goddelijk Wezen aan zijn knechten over te leveren. Die wel "de tot sterven gekomene" zag in het Wezen dat naar de hel was afgedaald, maar niet "de Verrezene".

Lucifer schikte zich niet, wat de Godheid van eeuwigheid voorzag en waarop Hij ook het werk van het terugvoeren van het gevallene kon baseren. Dat zal echter ook deze verloren zoon eens in het vaderhuis brengen, wanneer hij zijn machteloosheid zal inzien. Maar het zal nog eeuwigheden duren totdat al het door hem verleide totaal verlost is.

Amen

Vertaald door: Gerard F. Kotte

Deze openbaring is opgenomen in de volgende themaboekjes:
Themaboekje Titel Downloaden
110 Jezus Christus ePub   PDF   Kindle  
152 Jesus Christus ePub   PDF   Kindle  

Downloads

Download-aanbod voor boek _book
 ePub  
 Kindle  
  Meer downloads

Deze openbaring

 als MP3 downloaden  
Afdrukvoorbeeld
 Kladschriften