B.D.-Nr. 2763
Opdat u zich niet aan de wereld verliest, wil God u tonen, hoe vergankelijk de goederen van de wereld zijn en hoe weinig waarde ze daardoor hebben, omdat deze vandaag of morgen van u afgenomen kunnen worden. Uw denken en streven betreffen alleen maar de aardse goederen en u gebruikt uw gehele levenskracht het meest om deze goederen te vermeerderen. Maar het zijn dode goederen, waar u naar streeft, waarmee u niets aan kan vangen, als u van deze aarde scheidt.
Of u moet de goederen van de wereld achterlaten bij uw lichamelijke dood, of u verliest deze al van tevoren. En dit laatste is een genade van God. Een genade, die Hij u geeft, opdat u nog tot inzicht zal komen. Hij ontneemt u aardse goederen. Dat wil zeggen dat Hij dat van u afneemt, waaraan uw hart hangt, doordat Hij deze laat verwoesten of vernietigen, opdat u nu zult beseffen, dat het alleen maar schijngoederen waren, waarvan het bezit u bekoorde en dat deze vergankelijk zijn.
Pas wanneer u dit ingezien hebt, zult u uw aandacht op onvergankelijke goederen vestigen en dan is het vernietigingswerk tot zegen geworden. En dat beoogt God als eerste. Dat de mensen het besef krijgen dat hun streven andere goederen moet betreffen. En daarom neemt Hij veel van u af, waaraan uw hart nog hangt. Hij zet u arm en zonder middelen op de wereld en dan moet u de proef doorstaan. U moet zich bereidwillig scheiden van dat, wat God van u afneemt. U moet naar niets aards verlangen, maar verlangen naar dat, wat uit het geestelijke rijk komt en dan zult u ook geestelijk succes hebben. En ook het aardse bestaan zal veel makkelijker zijn, want u hebt geen bewijzen meer nodig van de waardeloosheid van aardse goederen. Er bestaat geen gevaar meer voor u en bijgevolg mag u deze bezitten. Want enkel dan bestaat er een gevaar, wanneer uw hart verbonden is met de materie. Wanneer diens liefde verkeerd is. Wanneer ze zich op dat richt, wat de mens in het aardse leven moet verachten en wanneer hij daarom zijn ziel vergeet, die hem toevertrouwd is, waar hij verantwoordelijk is voor de ontwikkeling daarvan.
En daarom zal de mensen nog eindeloos veel afgenomen worden. Ze zullen alles op moeten geven en ze zullen ontroostbaar en vertwijfeld zijn als alles voor hun ogen vergaat. En ook dit vernietigingswerk is alleen maar een liefdeswerk van God, omdat alles alleen maar bestaat en gebeurt voor de ziel van de mens, zodat deze haar eigenlijke opdracht leert beseffen. Opdat ze geestelijke schatten voor zich verzamelt en geen aandacht schenkt aan aardse goederen.
De geestelijke schatten blijven tot in alle eeuwigheid bestaan en pas wanneer de mens de aarde en haar vreugden vrijwillig opgeeft, is zijn hart rijp voor geschenken van een andere soort. Voor geestelijke geschenken, die hem aangeboden worden door de liefde van de Vader, Die Zijn kinderen terug wil winnen. Want de waarde van deze geschenken beseft hij pas, als hij de waardeloosheid van aardse goederen ingezien heeft en dan streeft hij met al zijn zinnen naar de geestelijke goederen.
Amen