B.D.-Nr. 2523

Gebed in geest en in waarheid

Elke smeekbede dringt het oor van de hemelse Vader binnen, als deze in geest en in waarheid naar Hem gestuurd wordt. Dat wil zeggen dat elke gedachte in het hart gevoeld moet worden. De geest moet tot de geest spreken. De geestvonk in de mens moet zich tot God opheffen. Tot de Vader, tot Degene, van waar zijn oorsprong ligt. Het gebed mag niet enkel een gemompel met de lippen zijn. Het moet in alle waarachtigheid, oprecht en zonder schijn, eenvoudig en deemoedig, uit het hart tot God opstijgen. Dat is een gebed in geest en in waarheid, dat God altijd zal verhoren.

Een gebed kan uit mooie woorden bestaan en toch kan het onverhoord langs het oor van de Vader in de hemel wegsterven, omdat het dit gebed aan elke vurigheid ontbreekt, omdat het slechts een lege vorm is zonder het diepe gevoel van het hart. En zo’n gebed is waardeloos voor God, zoals toch al alles voor God zonder waarde is, wat slechts vorm is zonder innerlijk leven.

Zolang het hart er niet aan deelneemt, weet de geest in de mens er niets van, zoekt het ook geen contact met de goddelijke geest, voor wie het gebed geldt, ofschoon het door woorden de verbinding met God probeert voor te wenden. Hij denkt anders, dan hij spreekt en handelt anders, dan hij denkt. En daarom is zijn gebed niet echt. Het is niet dat, wat het voor God moet zijn: een eenvoudige, diepgevoelde, vurige smeekbede, waarvan het zeker is, dat het verhoord zal worden. En daarom verlangt God, dat de mens zich in zijn kamertje terug zal trekken, als hij bidden wil. Dat hij alles om zich heen zal vergeten en alleen maar met de Vader in de hemel een dialoog wil hebben.

Als de mens niet afgeleid wordt door indrukken van buitenaf, zal het mogelijk voor hem zijn om zich ten diepste te verbinden met God en dan zal hij Hem zijn verzoek zonder geremdheid en toch in alle deemoed en vertrouwen voorleggen. Hij zal Hem op een eenvoudige manier vragen. Hij zal eerbiedig en toch vol vertrouwen met Hem spreken. Hij zal in geest en waarheid zo tot Hem bidden, als de hemelse Vader aanbeden wil worden om de verzoeken van Zijn kinderen te kunnen vervullen, zoals Hij het beloofd heeft.

Amen

Vertaald door: Peter Schelling

Deze openbaring is niet opgenomen in de themaboekjes.