No sabéis cuánto deben sufrir las almas que moran en el más allá sin ninguna intercesión, y de cuya voluntad depende únicamente si dan un paso adelante. Estas pobres almas suelen ser incapaces de reunir esta voluntad, y todos los intentos de los seres de luz que las visitan repetidamente disfrazados para ofrecerles ayuda, fracasan, porque simplemente carecen de la fuerza para querer y languidecen apáticamente hasta que alguna fuerza les es dada desde algún lugar. Y esto solo puede lograrse a través de la intercesión por parte de los seres humanos....
Todo tiene que proceder según la Ley del orden eterno.... Dios no puede dotar arbitrariamente de fuerza a un alma que es completamente indigna de Él, que ni la desea ni la acepta cuando se le ofrece o cuando se le ofrece otra ayuda.... Y precisamente porque el alma es demasiado débil incluso para emprender algo para mejorar sus situación, vosotros, los humanos, debéis recordaros de ella en amorosa intercesión y orar a menudo por estas pobres almas, para que el Padre por amor a vosotros, puede otorgar Su fuerza y conducirla a esas almas, y sin duda lo hará, de modo que ninguna intercesión que sin efecto.
Un alma por la que un ser humano en la Tierra intercede con amor no puede perderse; con el tiempo, ella comprenderá que debe actuar por sí misma para cambiar su destino.... Entonces también lo hará, pues sentirá claramente la fuerza que se dirige hacia ella y la aplicará según la voluntad divina, es decir, trabajará con amor por las almas, que como ella, están necesitadas.
La intercesión amorosa es el único medio de ayudar a estas almas sumidas en las tinieblas, porque a través de ella, ellas mismas llegarán a conocer la fuerza del amor y serán capaces de transformarse. Estas almas sufren indescriptiblemente y se sienten sumamente agradecidas cuando finalmente alcanzan esta comprensión y siguen el camino correcto que se les ha mostrado.... Y recompensan su gratitud con acciones redentoras, pues entonces quieren ayudar a otras, tal como ellas fueron ayudadas en su necesidad y angustia.
Sin embargo, innumerables seres no tienen defensor, innumerables almas moran en las tinieblas, a quienes nadie recuerda con amorosa intercesión.... Incluidlas a todas en vuestras oraciones, tened solo la voluntad de ayudarlas, y esta buena voluntad les dará fuerza, de modo que se sentirán temporalmente impulsadas a salir de las tinieblas, y entonces, destellos de luz brillarán sobre ellas, que las inspiran a seguirlos.
Los pensamientos compasivos que enviáis a estos reinos oscuros siempre provocan pequeñas revueltas, de modo que los seres buscan instruirse unos a otros de cómo escapar de su estado agonizante, y si la intercesión no cesa, el anhelo del alma de hace cada vez fuerte. Y entonces también ocurre un cambio, pues se les brinda la oportunidad de abandonar las profundidades y participar en enseñanzas que se les ofrecen en forma de destellos de luz, los cuales les son beneficiosos.
Ayudar a estas almas es una gran obra de misericordia, porque por sí solas ya no pueden ayudarse y dependen de la ayuda de los demás. Difícilmente aceptan la ayuda que se les ofrece directamente en el reino del más allá, porque son demasiado débiles para quererla y, por lo tanto, primero necesitan una transmisión de fuerza, la cual vosotros, los humanos, podéis brindarles a través de la intercesión amorosa.
Son las obras de amor que aún podéis realizar más allá de la muerte por las almas , y que a menudo tienen mayor significado porque pueden ser una obra de salvación para estas almas, guiándolas fuera de las tinieblas y permitiéndoles volver a la vida. Pero una vez salvadas, una vez que hayan entrado en el camino de la luz, se convierten también en ayudantes fervientes de otras almas que igualmente moraban en las tinieblas.... Porque jamás olvidarán su sufrimiento y, por lo tanto, estarán eternamente agradecidas....
amén
TraductorU weet niet hoezeer de zielen moeten lijden die zonder enige voorbede in het rijk hierna vertoeven en van wier wil het alleen afhankelijk is, of ze een stap vooruit gaan. Deze arme zielen kunnen meestal deze wil niet opbrengen. En alles wat hun voor de geest wordt gesteld van de kant van de lichtwezens, die hen steeds weer vermomd opzoeken om hun hulp te bieden, is zonder resultaat, omdat ze eenvoudigweg geen kracht hebben om te willen en apathisch verder vegeteren tot hun van een bepaalde zijde kracht wordt toegevoerd. En dit kan alleen de voorbede van de kant van de mensen tot stand brengen.
Alles moet gebeuren volgens de wet van de eeuwige ordening.
God kan niet willekeurig een ziel met kracht bedenken, die ze geheel onwaardig is, die ze noch verlangt, noch aanneemt, wanneer die haar wordt aangereikt, of wanneer haar andere hulp aangeboden wordt.
En juist omdat de ziel te zwak is om zelf ook maar iets te ondernemen om haar toestand te verbeteren, zult u mensen haar moeten gedenken in een liefdevolle voorbede en zult u vaak moeten bidden voor deze arme zielen, opdat de Vader dan ter wille van uw liefde Zijn kracht kan schenken en aan die zielen doen toekomen. En Hij zal dit ook zeker doen, zodat geen enkel gebed ten gunste van die zielen zonder uitwerking zal blijven. Een ziel om welke een mens zich in liefdevolle voorbede bekommert, kan niet verloren gaan. Eens komt ze tot het besef dat ze de verandering van haar lot zelf ter hand moet nemen.
Dan zal ze dat ook zeker doen. Want ze voelt duidelijk de kracht die haar wordt toegevoerd en gebruikt die ook naar Gods wil. Dat wil zeggen: ze zal daarmee in liefde werken voor de zielen die, net als zij, zich in nood bevinden. Liefdevolle voorbede is het enige middel om zulke zielen in de duisternis te helpen, omdat ze daardoor zelf de kracht van de liefde leren kennen en in staat zijn zichzelf te veranderen. Deze zielen lijden onbeschrijflijk en ze zijn buitengewoon dankbaar wanneer ze eenmaal tot inzicht zijn gekomen en de juiste weg gaan die hun gewezen werd.
En ze betuigen hun dankbaarheid met verlossend bezig te zijn, want dan willen ze helpen zoals zij geholpen werden in hun nood en kwelling. Doch talloze zielen hebben geen voorspreker. Er verblijven talloze zielen in de duisternis, aan welke geen mens in liefdevolle voorbede denkt.
Neem ze allen op in uw gebeden. Heb alleen de wil hen te helpen en deze goede wil zal hun kracht bezorgen, zodat ze zich van tijd tot tijd gedrongen voelen uit de duisternis omhoog te klimmen en dan beginnen soms voor hen ook vonken van licht te gloeien die hen aansporen ze te volgen. Medelijdende gedachten die u in deze duistere sferen zendt, roepen steeds kleine opstandjes op, zodat de wezens elkaar wederzijds trachten te onderrichten over wat er zou moeten gebeuren om uit hun kwellende toestand weg te komen. En wanneer de voorbede niet verslapt, wordt het verlangen van de ziel steeds sterker. En dan doet er zich ook een verandering voor, doordat hun de gelegenheid gegeven wordt, de diepte te verlaten en deel te nemen aan onderrichtingen die hun in de vorm van lichtvonken worden aangeboden en die hun goeddoen. Die zielen te helpen, is een grote daad van barmhartigheid, omdat ze zichzelf niet meer alleen kunnen helpen en op hulp van vreemden zijn aangewezen. De hulp die hun in het rijk hierna rechtstreeks aangeboden wordt, nemen ze maar moeilijk aan, omdat ze te zwak zijn om te willen en daarom eerst toevoer van kracht nodig hebben, die u mensen hun zult kunnen bezorgen door liefdevolle voorspraak. Het zijn de werken van liefde die u, over de dood heen, de zielen nog zult kunnen betonen en die vaak van grote betekenis zijn, omdat ze de redding kunnen zijn voor deze zielen, die hen uit de duisternis wegvoert en tot leven laat komen. Maar zijn zulke zielen eenmaal gered en hebben ze eenmaal de weg van het licht betreden, dan zijn ze ook ijverige helpers voor de andere zielen geworden, die eveneens in de duisternis verbleven. Want ze vergeten hun nood nimmermeer en zullen daarom ook eeuwig dankbaar zijn.
Amen
Traductor