Bron: https://www.bertha-dudde.org/nl/proclamation/5085

5085 IK heb u nodig

16 maart 1951: Boek 57

IK heb u nodig. De nood op aarde is reuzegroot en kan alleen opgeheven worden met uw medewerking, omdat IK niet met Mijn Almacht kan inwerken op de zielen van de mensen; maar hun vrije wil moet worden aangespoord waarbij u moet meehelpen. De nood is groot en IK heb maar weinig medewerkers op aarde die deze geestelijke nood willen tegengaan. Deze weinige echter staan onder Mijn bescherming, zij worden door Mijn VADERLiefde met zorgen omringd en zullen nooit zonder beschutting zijn.

Zou u weten hoe IK uw geestelijke arbeid waardeer, dan zou u niet de minste twijfel meer hebben over Mijn VADERlijke zorg voor u. U zou geen ogenblik bang zijn maar vol vertrouwen steeds hulp verwachten in aardse nood. Want u moet de geestelijke arbeid ononderbroken verrichten. Dus zal IK er ook voor zorgen dat u ze kunt verrichten, want van deze arbeid van u hangt voor veel zielen de hulp af die hun anders niet gebracht kan worden.

De arbeid voor MIJ en Mijn rijk wordt op aarde maar zeer nonchalant uitgevoerd, want maar zelden wordt de geestelijke nood in haar gehele grootte begrepen. Maar weinig mensen hebben inzicht, slechts weinig mensen kennen de zin en het doel van het aardse leven en zin en doel van de schepping. Maar weinig mensen zijn daarom in staat hun medemensen vanuit dit weten te onderrichten, en daarom kunnen maar weinig mensen juiste verkondigers van het evangelie zijn omdat er absoluut bij dit ambt hoort dat de verkondiger zelf in dit weten vaststaat.

Daaruit zult u nu kunnen concluderen dat IK uiterst zorgzaam waak over diegenen die voor zo'n verkondigersambt bruikbaar zijn, daar zij van MIJ Zelf dit weten in ontvangst hebben genomen. De reeds misvormde leer is niet ten volle geschikt als reddingsmiddel voor de dwalende zielen, alleen de zuivere waarheid kan hun profijt opleveren. Alleen de zuivere waarheid is het middel om de geestelijke nood op te heffen. En wie nu door zijn wil en zijn liefde tot MIJ tot een drager van de waarheid is geworden die is voor MIJ een trouwe medewerker, die IK waarlijk niet verliezen wil omdat IK ook de vele nog dwalende zielen niet zou willen verliezen, maar ze nog terug wil winnen voor het te laat is.

IK heb u Mijn medewerkers op aarde nodig en IK zeg het u steeds weer, dat IK Mijn dragers van het licht voor Mijn dienst op aarde opleid omdat zij in Mijn plaats "het rijk van GOD" onder de mensen moeten oprichten, dat deze dragers van het licht echter ook in Mijn dienst staan en dus ook door MIJ - hun HEER, op elke manier verzorgd worden.

Wie dus voor MIJ werkt moet geen aardse zorgen vrezen. Wie voor MIJ werkt moet zich ook in vol geloof aan MIJ toevertrouwen, hij moet als een kind naar zijn VADER opzien en er altijd zeker van zijn dat hij ook als een kind door zijn VADER behoed wordt. En de sterkte van zijn geloof zal hem rust geven ook in elke aardse nood, die IK ophef als het daar de tijd voor is.

Amen

Vertaald door Gerard F. Kotte