Bron: https://www.bertha-dudde.org/nl/proclamation/4441

4441 Omvang van het vernietigingswerk

24 september 1948: Boek 52

In welke omvang de daad van verwoesting volgens de wil van God zal plaatsvinden, daar zult u mensen u nog geen voorstelling van kunnen maken. Want het zal alles wat ooit geweest is overtreffen. Landen en zee├źn zullen veranderen. Rivieren zullen buiten hun oevers treden. En zo zullen taferelen geschapen worden, dat de mensen menen in andere streken te zijn verplaatst. En daardoor ontstaat er al een onbeschrijfelijke chaos, omdat de mensen de weg naar elkaar niet meer vinden. Rusteloos zullen ze ronddolen tot er wilskrachtige mensen te vinden zijn die proberen orde te scheppen en die zich bekommeren om de zwakke mensen. De nood zal zo groot zijn dat alleen liefde ze doet uithouden. En waar de een voor de ander werkzaam is, zal ook spoedig verlichting en hulp te merken zijn die hun duidelijk van boven ten deel valt.

Wie zich nu tot God zal wenden en Hem in zijn hart aanroept, zal worden geholpen. Want nu laat God zich zien met Zijn liefde en almacht, zo duidelijk dat het de zwakgelovige gemakkelijk wordt een vast geloof te verkrijgen. En deze tijd is voor de ongelovige een tijd van genade waarin hij nog gemakkelijk kan veranderen bij het zien van de verschijnselen die gebaseerd zijn op de kracht van het geloof.

Deze verschijnselen zullen allen te denken geven. Maar alleen hij die gewillig is te geloven zal zijn voordeel daaruit trekken, terwijl de anderen steeds alleen van toeval spreken en verbitterd tegenover de grote nood staan, een Schepper verwerpen of Zijn handelen veroordelen. De omvang van de ramp kan hen niet tot bezinning brengen. Ze proberen voor zichzelf alles natuurlijk te verklaren en geestelijke verbanden wijzen ze totaal af. Ze blijven ook hard en gevoelloos tegenover dat wat de medemens meemaakt en ze schrikken er niet voor terug voor zichzelf de situatie te verbeteren ten koste van de medemensen die te zwak zijn zich te verweren.

Overal zal er nood zijn, waar God heeft gesproken. En spreken zal Hij daar waar de grootste geestelijke nood is opdat de overlevenden een waarschuwingsteken ontvangen, opdat de tijd tot aan het einde toe benut kan worden en ook de mensen van de niet getroffen landen tot bezinning komen bij het zien van de catastrofe die te geweldig is om buiten beschouwing te kunnen worden gelaten. Want de gehele mensheid zal bevangen worden door angst dat de natuurcatastrofe zich herhaalt en een algehele verwoesting van de aarde tot gevolg zou kunnen hebben. Deze zal weliswaar komen, echter niet onmiddellijk na de natuurcatastrofe.

Maar de angst hiervoor is heilzaam voor vele. Want de gedachte aan een plotseling sterven en aan het leven na de dood zal in veel mensen opkomen en kan een verandering van de leefwijze tot gevolg hebben. De wereld zal helpend willen ingrijpen, maar het niet kunnen in die mate, zoals hulp noodzakelijk zou zijn. Toch zal ieder die bereid is liefde en hulp te geven, door God gezegend zijn. Want de grote nood komt over de mensen, opdat zij hun harten vertederen en aan hun eigenlijke taak beantwoorden: dat ze in liefde op aarde werkzaam zijn om de rijpheid van de ziel te verkrijgen. Zolang de mensen in de eigenliefde leven en alleen maar voor zichzelf zorgen, gaan ze geestelijk niet vooruit. Maar de nood van de medemensen kan bij hen hun werkzaam zijn in liefde actief laten worden. En dan vervullen ze de wil van God en dus hun taak op aarde. Dan is ook de grootste nood tot zegen en zal ze aan haar doel beantwoorden.

Amen

Vertaald door Gerard F. Kotte