Bron: https://www.bertha-dudde.org/nl/proclamation/2737
2737 God openbaart zich aan de mensen en wordt niet herkend
13 mei 1943: Boek 34/35/36
De goddelijke liefde openbaart zich aan de mensen om hen te helpen, maar de mensen herkennen haar niet. De geestelijke duisternis is zo groot, dat zelfs het licht, dat de duisternis doorbreekt, niet meer herkend wordt. En zo kunnen de mensen de wonderbaarlijkste dingen beleven, zonder dat ze er aandacht aan schenken. En als God Zich aan hen openbaart in het woord, begrijpen ze het niet en keren ze zich van Hem af. Maar God brengt Zich in Zijn liefde steeds weer dicht bij hen, want Hij heeft medelijden met de mensheid, die in de vangnetten van satan geraakt is en zich niet op eigen kracht daaruit kan bevrijden.
En daarom zal Hij Zich nog duidelijker aan de mensheid bekendmaken. Hemel en aarde zullen beven en Zijn stem zal luid en hoorbaar klinken, zodat iedereen deze moet horen. En weer openbaart God Zich aan de mensen door natuurkrachten en Zijn stem kan niet meer genegeerd worden. En toch zal God ook dan niet erkend worden, omdat de mensen koppig zijn en zich niet willen buigen voor een hogere macht. Maar duidelijker kan God Zich niet uiten, als Hij de mensen geen schade aan hun geloofsvrijheid wil berokkenen. Zijn liefde is onwrikbaar en Hij laat Zijn schepselen, die uit Hem voortgekomen zijn, niet vallen. Maar zolang ze de liefde van God niet erkennen, kan deze ook niet als kracht tot uiting komen.
Maar opdat de mensen de liefde van God gewaarworden, toont Hij Zichzelf en Zijn werkzaam zijn duidelijk. Hij spreekt overal en op elk moment met de mensen, als ze Hem maar horen willen en Hij geeft ook diegenen Zijn woord, die zich niet zelf met Hem verbinden, maar wel Zijn woord in ontvangst willen nemen. En steeds zullen die mensen, die van goede wil zijn, daaruit opmaken dat God onophoudelijk zorg draagt, hen in kennis stelt van Zijn liefde, Zijn kracht en macht.
Hij wil Zich aan de mensen openbaren als een wezen vol liefde en goedheid en Hij wil dat de mensen dit wezen liefhebben en zich aan Hem onderwerpen. Hij wil dat ze Hem als hun Vader en Schepper erkennen en de verhouding van een kind tot zijn Vader tot stand brengen, opdat Hij hen altijd kan helpen, als ze Zijn hulp nodig hebben. En daarom maakt Hij Zich aan hen bekend, waar het maar mogelijk is en dat op de meeste verschillende manieren. Vanuit zichzelf vinden de mensen de weg naar Hem niet terug, omdat ze niet meer in Zijn bestaan geloven. Omdat ze ver van het juiste geloof af staan, omdat het begrip van God voor hen verloren gegaan is.
En bijgevolg moet Hij Zich weer aan hen tonen. Hij moet Zich weer aan hen openbaren, zodat ze daardoor weer gelovig worden en in Hem en Zijn macht en kracht geloven. Op Zijn heersen en werkzaam zijn wordt geen acht meer geslagen als het zich niet op een buitengewone manier openbaart. Maar om de geloofsvrijheid van de mens niet in gevaar te brengen, uit God Zich ook niet zo, dat de mens gedwongen zou zijn om in Hem te geloven, want alles gebeurt binnen het raamwerk van de natuur, behalve in de weinige gevallen, waar Hij de gelovigen duidelijker naderbij komt, die niet meer in gevaar komen, omdat ze in Hem en Zijn macht geloven. Nu kunnen de medemensen erop gewezen worden en ook zij kunnen tot het geloof komen, als ze bereidwillig zijn, dat wil zeggen als zij het goede nastreven en alleen maar een duw nodig hebben om God te zoeken, Die Zich dan ook laat vinden.
In de komende tijd zullen de tekenen, die God aan de mensen geeft, toenemen, opdat ze Hem zullen herkennen. Zijn heersen en werkzaam zijn zullen duidelijker aan het licht komen, omdat de geestelijke nood van deze tijd dit vereist en de mensen anderzijds minder dan ooit ontvankelijk zijn voor iets buitengewoons en al deze desbetreffende verschijnselen verstandsmatig proberen te verklaren.
Zodoende zullen zulke verschijnselen geen geloofsdwang betekenen voor de mensen, maar de gelovigen een toegenomen kracht en geloofssterkte opleveren. En daarom openbaart God Zich aan de Zijnen en ook aan degenen, die naar Hem terug willen keren, degenen die het alleen maar aan kracht en geloof ontbroken heeft. Hij helpt hen, opdat ze de weg naar Hem zullen vinden. Hij komt Zelf tot hen en Hij zal ook herkend worden, waar de wil van de mens zich niet geheel van Hem afgekeerd heeft.
Amen
Vertaald door Peter Schelling