Bron: https://www.bertha-dudde.org/nl/proclamation/2457
2457 De waarde van het rechtstreeks ontvangen woord ten opzichte van hetgeen gezien wordt
25 augustus 1942: Boek 33
Degenen, aan wie God Zijn woord geeft, wordt de kennis van de waarheid toegestuurd in een vorm, die geen twijfel op laat komen. In tegenstelling tot degenen, die door dromen of verhalen een blik geworpen hebben in het geestelijke rijk of hierdoor kennis verwerven van toekomstige gebeurtenissen, want die laatsten geven nu door eigen woorden weer, wat ze gezien hebben en ze zijn vaak niet in staat om de juiste woorden te vinden. Bovendien worden hun waarnemingen of voorspellingen zelden geloofd, omdat de mens bewijzen wil hebben.
Maar het rechtstreekse woord spreekt voor zichzelf en het kan ook onvervormd doorgegeven worden, zodra de ontvanger God daardoor wil dienen. Het rechtstreekse woord geeft ook volledige helderheid bij geloofsvragen, bij twijfels, terwijl dat, wat helderziend gezien wordt, verschillend uitgelegd kan worden en dit ook gedaan wordt, al naar gelang de geestelijke richting van de ziener of degene, aan wie het geestelijke beeld gegeven wordt. Want steeds ligt de kennis ten grondslag aan dat, wat deze van tevoren al bezeten heeft, maar zelden zal iemand bereid zijn om van deze kennis afstand te doen en nu kennis aan te nemen, die hem uit het geestelijke rijk aangeboden wordt.
Amen
Vertaald door Peter Schelling