Bron: https://www.bertha-dudde.org/nl/proclamation/0971

0971 Weg naar de hoogte vol doornen – Het woord van God is een versterking

19 juni 1939: Boek 18

Het is een mateloze genade voor jullie mensen, als jullie het goddelijke woord waardig worden. Want te midden van de duistere nacht schijnt voor jullie het helderste licht en jullie kunnen onbezorgd de levensweg tot het einde gaan en jullie hoeven niet te vrezen om in de duisternis verkeerd gewezen te worden. De genade van God heeft jullie mensen eeuwig en altijd goed geleid, zolang jullie de genade verlangd en gebruikt hebben. Maar hoe vaak was de weg vol doornen en onbegaanbaar en wilden jullie bijna opgeven of naar een gangbaardere weg vluchten. Maar deze weg leidt niet opwaarts, maar voortdurend neerwaarts.

En de weg naar de hoogte moet op elke manier tegenstand bieden. Deze moet overwonnen en moeizaam stap voor stap afgelegd worden, als hij jullie naar het juiste doel moet leiden. Maar de liefde van God kent elke hindernis en Hij zou het mensenkind graag de gang door het aardse leven makkelijker maken. Hij zou hem graag helpen, zodat het niet de moed verliest en moedeloos wordt. En dus geeft Hij hem verkwikking en lafenis voor zijn moeizame weg. Hij laat het kind niet zonder kracht, maar voorziet het liefdevol van geestelijke spijs, opdat het geen acht slaat op de ongemakken van de weg en gemakkelijk en moeiteloos alle hindernissen overwint om uiteindelijk tot de Vader te geraken.

En wie daar dus gesterkt naar toe gaat, verlangt nooit meer naar de minder moeilijke, maar daarentegen aanzienlijk gevaarlijkere weg. Want hij ziet de gestalte van de goddelijke Heiland, Die hem liefdevol aan het einde van de weg tegemoetziet. En het verlangen naar Hem laat het mensenkind steeds flink doorstappen. Het neemt met gemak de moeilijkste hindernissen, want de liefde voor de goddelijke Heiland is de drijfveer. Ze is tegelijkertijd aansporing en kracht.

Maar zonder de goddelijke hulp zou het mensenkind moe worden van de strijd tegen alle tegenspoed van het leven. Het zou de doornen en het kreupelhout van de weg naar boven niet kunnen doorbreken en spoedig afgemat langs de weg blijven liggen. Maar aan deze zwakheid heeft de Vader in de hemel wijselijk gedacht en voorzorgsmaatregelen getroffen, zodat hij in de grootste nood hulp krijgt. En dus geeft Hij Zijn woord, en hiermee kracht en versterking aan het mensenkind.

En degene, die het ontvangt, bevindt zich in Zijn genade. Hij heeft talloze genaden voor Zijn kinderen op aarde klaar staan en ze zijn allemaal door innig gebed voor jullie toegankelijk. Maar Zijn woord is de belichaming van de genadevolle Vaderliefde. Want Zijn woord verschaft het kind onmetelijke kracht. Degene, die het woord heeft, ontbreekt het nooit aan kracht. Maar bij hem moet het geloof ook vast en onwrikbaar zijn, want als hij in het diepste geloof staat, is hij tot alles in staat. Er wordt hem door het woord geleerd om de kracht goed te gebruiken. Maar als het geloof ontbreekt of te zwak is, gebruikt hij deze kracht niet in die mate, zoals het hem toekomt.

Laat daarom eerst het geloof zo sterk worden, dat jullie geen tegenstand meer vrezen. En pas dan begrijpen jullie de macht en de kracht van het woord. En als jullie de stem van de Heer horen, dan is de toestroom van deze kracht voor jullie verzekerd. En als jullie deze ontvangen, gebruik haar dan ook op de juiste manier. En deel haar uit. Geef haar aan degenen, die net als jullie de moeilijke weg over doornen en klippen gaan, opdat ze gesterkt in de geest de weg voortzetten, die omhoog naar de goddelijke Heiland leidt. Die verlangend de handen naar hen uitstrekt en hen thuishaalt in het Vaderhuis.

Amen

Vertaald door Gerard F. Kotte